Het gevecht en de ontlading

 

Mijn gespannenheid en angst hadden hun hoogtepunt bereikt en wat ik voelde kon ik met geen mogelijkheid benoemen of uiten.

 

Via een aantal studiegenoten kwam ik terecht in een zelfhulpgroep voor vrouwen.

Ik greep deze mogelijkheid om mezelf te leren kennen met beide handen aan. Er werden oefeningen aangereikt om te uiten wat je dacht en voelde.

 

Zittend in een grote kring met vrouwen was het mijn beurt om te vertellen wie ik was, wat ik deed en wat ik voelde.

 

Volledig in de greep van angst om iets over mezelf te vertellen, blokkeerde ik in deze onbekende situatie. Paniekgedachten schoten als vuurpijlen door mijn lijf: 'Wat moet ik voelen, wat wordt er van mij verwacht, kan ik het wel, ga ik niet totaal af ?

Al mijn spieren spanden zich, ik hield mijn adem in. Het gevoel van flauwvallen riep zowel paniek op als de mogelijkheid tot vluchten.

 

De cursusleidster die naast mij zat zag mijn strijd en vroeg of ze een arm om mij heen mocht slaan. Ik schrok van dit voorstel, want: wilde ik die arm om mij heen wel en wat dan? Wat werd er verwacht, wat was de bedoeling, wat moest ik doen?

 

Verward, vlogen gedachten heen en weer op zoek naar argumenten en om te kunnen verwoorden. Emoties maakten hun aanwezigheid dwingend kenbaar, duwden met kracht van binnen naar buiten en wilden ontladen. Het gevecht tussen vasthouden en loslaten was hevig.

 

De macht van de controle slonk en sloeg om in radeloosheid toen de emoties sterker werden. Ik spande me tot het uiterste om het onbekende binnen te houden. Ik wilde wegrennen, maar het plotselinge besef dat ik een keuze had gemaakt om daar te zijn, maakte dat ik mij overgaf.

 

Ik gaf toe aan de omarming van de vrouw.

 

De emotie werd een golf die met kracht de weerstand brak. Verdriet sleurde me mee, maakte zich kenbaar in mijn lichaam dat uit zichzelf leek te bewegen in heftige snikken en schokken.

 

Mijn angst dat er niets van mij over zou blijven bleek ongegrond toen de golf mij nog na schuimend had aangespoeld in een vreemde rust.

Onwennig en verlegen keek ik om mij heen en zag de betraande ogen van de vrouwen. Geen afkeuring maar medeleven lag in de uitdrukking op hun gezicht.

 

Ver weg voelde ik een herinnering: ik was een kind toen ik zo huilde.

 

 

Anja Oldegberts.

 

Workshop